
Dit gerecht komt uit het “Eetbaar Alphen kookboek”. Het is te maken aan het einde van de winter, wanneer de eerste blaadjes munt, daslook en paardenbloemblad naar boven komen.
Ingrediënten uit de tuin / voedselbos / wildpluk
- stukje mierikswortel van 2-3cm
- flinke hand jong paardenbloemblad
- 5g peterselie
- 5g munt
- enkele blaadjes daslook óf een teen knoflook
- 500g aardappels (uit bewaring)
- 30g geroosterde amandelen (uit bewaring)
Ingrediënten zelf toe te voegen
- olijfolie extra vierge
- witte wijn óf witte balsamico azijn
- zout en peper
- 150g gerookte vis, bijvoorbeeld makreel of haring
- Verwarm de oven voor op 200 °C.
- Boen de aardappels schoon en snijd ze in stukken van 3 cm.
- Doe de aardappels in de ovenschaal, voeg 2 eetlepels olijfolie en een
theelepel zout toe en meng alles goed. - Rooster de aardappels 40-50 minuten tot ze knapperig en gaar zijn; schep
halverwege een keer om. - Doe voor de dressing 2 eetlepels azijn en 50 ml olijfolie in een grote kom.
- Rasp de mierikswortel en de knoflook (als je die gebruikt) boven de kom en
klop goed door. - Hak peterselie, munt, daslook en noten grof, voeg toe aan de dressing en
roer alles goed door. - Breng op smaak met zout en peper.
- Laat de aardappels een beetje afkoelen en doe ze in de kom met de dressing
en schep om.
Serveren: verdeel de paardenbloemsla over de borden, leg de aardappels erop en maak af
met plukjes gerookte vis (vervang de vis door een hardgekookt ei of (gerookte) amandelen
voor een vegetarische of vegan salade).